De hondenvijver

Nog maar kort geleden is door Staatsbosbeheer de toegang tot de Waschkolk, elders in het Zandenbos, beperkt voor loslopende honden. Het idee was hier dat door de loslopende honden de fauna onder druk kwamen. Deze maatregel heeft er voor gezorgd dat het elders in het Zandenbos drukker is geworden met mensen met loslopende honden.

Ter compensatie hiervan was het plan om elders in het gebied een nieuwe spartelvijver te graven voor honden in het bestaande losloopgebied. Op zich lijkt dit een sympathiek plan, maar daar zijn natuurlijk best kritische vragen bij te stellen:

  • als je elders een nieuwe vijver gaat graven, hoe ga je dan voorkomen dat de fauna (o.a. amfibieĆ«n) niet ook naar die vijver toe gaan. En als dat gaat gebeuren, welke zin heeft het dure plan dan gehad?
  • in hoeverre heeft onderzoek aangetoond dat het verbod op de loslopende honden ertoe heeft geleid dat de biodiversiteit is verbeterd. Wij hebben deze vraag bij Staatsbosbeheer neer gelegd maar ontvingen geen reactie.

In de vergunningaanvraag van Staatsbosbeheer, waartegen onze actie strijdt, wordt tegelijkertijd vergunning aangevraagd voor het aanleggen van de spartelvijver. Ons komt dit over als een dure hobby.

De Waschkolk was al eerder ernstig beschadigd bij baggerwerkzaamheden door Staatsbosbeheer. Dit natuurlijke ven werd in vroeger dagen gebruikt voor het wassen van schapen, vandaar ook de naam Waschkolk. Er staan nu overal bordjes ‘kwetsbaar gebied’ en afrastering, honden worden geweerd en wandelpaden zijn gesloten. Onderhoud vindt hier doorgaans ook plaats met groot materieel, waarbij het bodemleven niet wordt gespaard.

Foto Jan Moll 2008, toen de Waschkolk nog toegankelijk was